Le Viveroy

Le Vivaroy. Het cafeetje om de hoek, waar de Grote Bosstraat pal de Joseph Coosemansstraat kruist.

Eerder een ouderwetse huiskamer waar de wereld in den avond samenkomt. Dag aan dag: binnenkomen, handje geven, vriendelijk oogje met de barvrouw, gaan zitten waar je gisteren ook eenzaam zat, en wachten tot je aangesproken wordt. Een ceremonie van herkenbaarheid.

Af en toe wordt er gekaart. Eeuwenoud volksvertier, los van nationaliteit. Met momenten eens een vreemde vloek, dat wel ja –maar nooit in de grootstedelijke trant van putain of  connard. Geweld al helemaal niet: in afschuw daarvan elkaars gelijke.

Niet oninteressant: een pintje kost er nog steeds anderhalve euro. En twee betalen is een derde gratis. Inflatie, stijgende grondprijzen? Marketingleugens. Bovendien: winst is ook niet alles is en bierbrouwers zijn maffia.

Het interieur is stoïcijns eenvoudig, geen westerse tralala. Spiegels aan de paarse muren, een donkerrode bakstenen toog en wat gammele barkrukken die onder het zittende gewicht kraken. Een biertje drinken is hier een kwestie van evenwicht en vertrouwen.

Le Vivaroy: Brussel in het klein. Bevolkt met Tunesiërs, Marokkanen, Turken, en een enkele keer een Brusselse Ketje met een volle baardsnor die geel aftrekt van de nicotine. Ook een kale zingende Italiaan, in de omgeving gekend als Piccolo Fiore. Heeft een plaatje opgenomen met zijn dochter, kwelen samen aandoenlijk over hun thuisland.

En sinds kort wij, blanke middenstandskinderen.

Echter. Eén taboe in La Viveroy: de splitsing van België. Daar zwijgen ze over. En als ze spreken, doet ieder dat in zijn eigen taal. De meeste klanten weten namelijk wat het is, een vaderland moeten missen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *