Sportgala

Het sportgala in het Casino Kursaal in Oostende: trieste triomf van de voorspelbaarheid.

De show begon nochtans goed. Een deftige ineen gestoken intro: opzwepende muziek, wulpse danseresjes, en tragedie en glorie in raak gekozen sportfragmentjes van het jaar. Ook het gespring en gezwier van de eenentwintigjarige gymnast Donna-Donny Truyens op zijn voltigeerpaard had iets van een poëtische panache.

Goed, dus. Tot de ceremonie echt aanving en de snelheid verhakkelde naar een tempo van humpapa-humpapa. Het sportgala: net geen bejaardentelevisie op zondag.

De geanimeerde tussenfilmpjes? Van een allure van gekscherend schoolkolderiek, tot ronduit beschamend en humorloos gepruts op een nationale televisiezender. Getuige ook het matige, aarzelend applaus van het publiek in de zaal. Lachen of schreien uit schaamte? Niemand dat het wist.

Om maar te zwijgen over de presentatoren. Marcel Vantilt? Verjaard springkonijn met myxomatose. Zijn tussenkomsten? Allesbehalve grappig. Eerder vervelend en pijnlijk voor de geïnterviewden. Kortom: overbodig.

Sportanker Catherine Van Eylen? Gewikkeld in een aaneen gespeld kleedje, met interessante grijsnuances. Gracieus, dat wel. Maar voor de rest: ijspriem in de blanke kont. Met een taal van een andere planeet. Hoe zou ze eigenlijk dronken klinken, wanneer ze een beetje geil staat? Moeilijk in te beelden bij haar.

Karl Vannieuwkerke? Ach, verdienstelijke poging zichzelf zijnde. Maar tevreden kan de sportcommentator toch niet zijn? Temeer omdat de twee grootste winnaars van de avond hun trofee als prul degradeerden. Wielrenner Philippe Gilbert zei namelijk dat ‘iedereen een trofee in een winkel kan kopen’, en dat hij pas ‘later’ de waarde ervan zal inschatten. Eenmaal seniel wellicht. Kim Clijsters liet doodleuk weten dat al haar zeven trofeeën van Sportvrouw van het Jaar ‘beneden, in de kelder’ staan. Weliswaar in een kastje, maar toch onttrokken aan het bezoekersoog.

Het sportgala, een show die zijn eigen nutteloosheid etaleert –de openbare zender VRT lijkt er de laatste jaren een patent op te hebben: FC de Kampioenen, de Panorama-uitzending Plan B, de dromenshow Goeie Vrijdag, Reyers Laat met het juffertje en spinazieblad Lieven Van Gils.

Wat me het meeste stoorde: het gebrek aan durf. Alles volgens de wetten van de communautaire vaten en volgens die van de commercie: weeral Gilbert, weeral Clijsters. Zo doe je niets verkeerd. Behalve authenticiteit, karakter en durf belonen. Wat had ik daarom graag hink-stap-springer Bolshakova zien winnen: tenminste nog een gebronsd mysterie in een al even mysterieuze sportdiscipline.

Sportjournalisten: vaandeldragers van het monotone buikgevoel. Politiek correct ook.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *